Als je websitebezoeker niet vindt wat hij zoekt

Je wilt niet dat de juiste bezoekers op je website komen, maar meteen weer wegklikken omdat het niet is wat ze zoeken. Hoe los je het dan op? Ik geef je 10 tips.

Het bouncepercentage geeft aan hoe relevant het is op welke manier en met welke verwachting die juiste bezoekers op je website komen: het % bezoekers dat meteen weer wegklikt. In mijn vorige artikel gaf ik je 7 oorzaken voor het wegklikken van je websitebezoeker. De eerste is: het is niet wat ze zoeken.

1.      De juiste bezoekers

Wie zijn dat eigenlijk, die juiste bezoekers? Dat is natuurlijk iemand uit je doelgroep; een beslisser met en budget en een behoefte. Om die mensen aan te spreken neem je je favoriete klant in gedachten, zoe iemand waar je er nog wel tien van wilt. Iemand met een gezicht, een geloof en een gezin.

2.    Verkeerde inleiding

Voordat de juiste bezoekers op je website komen, hebben ze je gegoogeld, een mail van je gekregen of je gezien op social media. Misschien hebben ze een visitekaartje gekregen, hebben ze doorgeklikt vanaf je LinkedInprofiel of een afspraak met je. In al die vormen van introductie gebruik je een inleiding. Het kan dat die inleidende tekst iets suggereert wat ze verkeerd kunnen interpreteren. Let wel, die interpretatie mag hun ‘fout’ zijn, het is aan jou om dat op te lossen. Dat betekent dat je de link naar je website niet duidelijk genoeg introduceert. Als je op social media, in een mailing of op een andere website linkt naar een pagina op jouw website, wees dan duidelijk in wat het oplevert.

3.     Valse belofte

Je hebt met je trigger iets beloofd wat je op je website niet waarmaakt. Hetzelfde gebeurt als je de juiste bezoekers lokt, maar met gouden bergen. Als ze het al geloven – en Nederlanders zijn kritisch – en ze krijgen niet wat je ze belooft, dan werkt het averechts. Eerlijk duurt het langst. Juist in je marketing en communicatie.

Zelf heb ik bijvoorbeeld een tijdje geëxperimenteerd met teksten die seks suggereren; ‘Tips om te verleiden’. Dat levert veel kliks op. Maar zodra mensen zien dat het niet over verleiden van een date gaat, klikken ze weer weg. Dat gebruik ik dus niet meer zonder er expliciet bij te zetten dat het gaat om een websitebezoeker.

Bijkomend voordeel: als je de juiste, specifieke woorden gebruikt, herkent ook Google het beter. En dat verhoogt weer je vindbaarheid.

4.    Geen relatie met je dienst

Ze komen op een pagina of de homepage die geen directe relatie heeft met de trigger. Je poezenfilmpje gaat viral, maar het heeft niets met je dienst te maken. Ze klikken erop en op je website klikken ze meteen weer weg. Heel simpel: klikkende bezoekers die niet in jouw dienst geïnteresseerd zijn leveren niets op. Ook niet voor je vindbaarheid op zoekmachines.

5.    Ook voor mensen die iets heel anders zoeken

Let vooral in je inleidende teksten op woorden die een andere betekenis kunnen hebben in een andere context. ‘Broodkruimels’ op je website hebben niets te maken met een recept, evenmin als ‘cookies’. Dat zijn dus geen relevante zoekwoorden, al scoren ze nog zo hoog. Google bij twijfel je inleiding woord voor woord om te zien hoe de meeste mensen die woorden interpreteren.

Eenmaal op je website kun je ook nog je doelgroep missen doordat het niet blijkt te zijn wat ze zoeken.

6.    Onbegrijpelijk voor je juiste bezoekers

Sommige consultants gebruiken hoogdravende taal om indruk te maken op hun lezers.

“Ik schrijf dit niet voor jan met de pet”, zeggen ze dan. Maar moeilijke teksten stoten niet alleen jan met de pet af, ze stoten bijna iedereen af, juist ook die juiste bezoekers. De beste, zo niet enige, manier om precies de juiste lezers aan te spreken, is om hen echt aan te spreken. Dus zet een fotootje van die favoriete opdrachtgever in een lijstje naast je beeldscherm en stel je voor dat je haar aanspreekt terwijl je schrijft. Schrijf haar een brief. Zo is je toon consequent en precies goed.

Gebruik in je inleidende teksten geen vaktaal. Zelfs al bestaat je doelgroep uit vakgenoten, dan nog ben jij de specialist. Wat voor jou gewone woorden zijn, kan onbegrijpelijk zijn voor je doelgroep. Ik ben er vaak genoeg door verrast. Een mindmap heeft dus niets met mediteren te maken (het is een methode om een denkproces in een schema te vatten met kleur en beeld, nuttig voor beelddenkers), jargon is vaktaal voor vaktaal, B2B is zelfs voor zakelijke klanten niet altijd een bekend begrip (het staat voor ‘business to business’; bedrijven die leveren aan bedrijven en niet aan consumenten).

7.    Onbegrijpelijk voor vakgenoten

Dan is er nog een valkuil: verschillende interpretatie tussen vakgenoten. Terwijl jij denkt dat volkomen duidelijk is wat je met customer journey, storytelling of big data bedoelt, blijkt een vakgenoot er net iets anders onder te verstaan. Of ze gebruikt er net aan andere term voor. Soms omdat het een containerbegrip is, soms omdat het in een andere context een andere invulling heeft.

Tip: laat al je teksten nakijken door iemand met het opleidingsniveau van je juiste bezoeker, maar op een heel ander vakgebied. Dus schrijf je voor automonteurs, laat het lezen door een houtbewerker. Schrijf je voor webbouwers, laat het lezen door een vormgever. Schrijf je voor juristen, laat het lezen door een IT’er. En andersom. Of door iemand die een antenne heeft voor vaktaal en teksten op verschillende niveaus kan beoordelen. Zoals ik.

8.    Tegen de schenen

Uitgesproken meningen en onorthodoxe standpunten zorgen dat je je onderscheidt van anderen. Ze maken nieuwsgierig en lokken juiste bezoekers naar je website. Als je je hoofd niet boven het maaiveld uitsteekt, zal je niet opvallen.

Er zijn altijd mensen die daar negatief op reageren en dat is niet erg, zolang ze het beschaafd houden. Vaak is het een teken van betrokkenheid met het onderwerp. Er zijn ook mensen die het afschrikt. Ook dat is niet erg, dat is dan je doelgroep niet. Maar wees je dat wel bewust. Kies een propositie ergens tussen extreem en de gulden middenweg. En kies die bewust. Vertrouw niet op je eigen inschattingsvermogen maar test het bij je doelgroep.

9.    Niet responsive

Je website is niet leesbaar, omdat ze vanaf een mobiel of tablet zoeken en je website niet responsive is. Misschien komen de juiste bezoekers wel op je website via een mobiele telefoon, maar de letters zijn microscopisch klein. Als je bezoeker dan inzoomt, is het grootste deel van de regel buiten beeld en moet ze steeds heen en weer schuiven. De meeste bezoekers beginnen daar niet eens aan.

10.   Moeilijk leesbaar

Of je website is niet leesbaar omdat je verkeerde kleuren, lettertypen of tekstvlakken kiest. Beslissers van adviestrajecten zijn vaak wat ouder. Een belangrijk deel van hen is 50+ en heeft een leesbril nodig voor kleine letters en weinig contrast. Maar iedereen vindt grote letters met een groot contrast prettig te lezen.

Ook hier kan creativiteit tegen je werken. Een al te creatieve letter kost meer moeite om te lezen. Ook in titels. Een zin in hoofdletters (kapitalen) is moeilijker te lezen dan in kleine letters. Het mag de Amerikanen aanspreken om elk woord met een hoofdletter te schrijven, Europeanen vinden het schreeuwerig. Gebruik voor je website bij voorkeur letters zonder schreef (het dwarsstreepje onder en boven de letter ‘i’ wat op papier zo lekker leest).

Meer informatie?

Deel deze pagina

Een reactie plaatsen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.